De smaak van de 19e eeuw
| De smaak van de 19e eeuw – Arno van Wijk | ||
| Vandaag was het Open Monumentendag. Het thema was: De smaak van de 19e eeuw. Om die reden heb ik voor het programma van vanavond muziek uitgezocht die in de negentiende eeuw geschreven is. Samuel de Lange sr. was een vooraanstaand organist in Rotterdam. Hij is uiteindelijk organist geworden van de Grote of Sint-Laurenskerk aldaar en werd daarmee, overigens zonder vergelijkend examen!, vaste bespeler van het orgel waarvan de bouw gestart werd door Andries Wolfferts, inderdaad, dezelfde bouwer als van het orgel hier in de Sint-Maartenskerk. Tijdens deze periode zijn de vier Fantasie-Sonates voor orgel ontstaan. De Fantasie-Sonate nr. 3 is gebaseerd op het Pinksterlied Ja, Jezus heerscht! Het ongeloof verstomm’. Dit lied heeft dezelfde melodie als Psalm 22 uit het Geneefse Psalter, maar de tekst heeft een geheel ander karakter. Zijn zoon, Samuel de Lange jr., was leerling van Alexander Winterberger (op zijn beurt weer leerling van Franz Liszt) en Johannes Verhulst. Evenals zijn vader was organist, maar ook een uitstekend pianist, dirigent en componist. Een verzoek om zijn vader als organist van de Rotterdamse Sint-Laurenskerk op te volgen legde hij naast zich neer, evenals het verzoek om organist te worden van de Sint Bavo in Haarlem. In plaats daarvan vestigde hij zich in Stuttgart om daar uiteindelijk o.a. directeur van het conservatorium te worden. Zijn compositorisch oeuvre bestaat uit kamermuziek, piano- en vioolconcerten, koormuziek en orgelmuziek. Evenals zijn vader schreef hij sonates voor orgel, maar dan veel uitgebreider en grootser van vorm en muzikale taal. De 24 Praeludien zijn relatief onbekend gebleven, maar zijn stuk voor stuk werken die niets onder doen voor de muziek van zijn tijdgenoten. Alexandre Guilmant wordt beschouwd als één van de grote Franse componisten uit de negentiende eeuw. Hij was, zoals zoveel grote musici, al op jonge leeftijd zeer talentvol. Hij studeerde aan het conservatorium in Brus-sel bij de destijds beroemde Jacques Nicolas Lemmens en was daar studiegenoot van o.a. Charles-Marie Widor, nog zo’n grootheid uit de Franse orgeltraditie. Guilmant was organist aan de Sainte Trinité in Parijs en na een nogal dubieuze ontslagprocedure heeft Louis Vierne, organist van de Notre-Dame, zich over de oude Guilmant ontfermd en er voor gezorgd dat hij een erefunctie kreeg in de Notre-Dame. De sonates van Guilmant voor orgel zijn belangrijkste werken. De eerste sonate is de meest bekende, de Vierde Sonate wordt relatief weinig ge-speeld. Van dit stuk bestaat ook een bewerking voor harmonium door Guilmant zelf. Camille Saint-Saëns was organist in La Madeleine, ook weer in Parijs. Hij was voorvechter van een nieuwe beweging in de Franse kerk- en orgelmu-ziek. In zijn tijd bestond de liturgische muziek in Frankrijk uit marsen, dro-merige zoetgevooisde melodieën en natuurimitaties. Samen met Alexandre Boëly probeerde Saint-Saëns door middel van het teruggrijpen op oude vormen de kerkmuziek te hervormen. Deze stijl wordt ook wel de style sevère genoemd, de oude stijl. Overigens gold dit alleen voor de kerkmuziek, Saint-Saëns is natuurlijk ook de componist van o.a. het Carnaval des Animaux en de Danse Macabre en vele andere werken waaronder opera’s en oratoria, symfonieën en pianoconcerten. De Prélude et Fugue en mi majeur (opgedragen aan Alexandre Guilmant) is zo’n voorbeeld van de oude stijl. Hiermee grijpt Saint-Saëns direct terug op het Praeludium und Fuge zoals we dat bijvoorbeeld bij Johann Sebastian Bach kennen, maar hij vult het in op een zeer (laat-)romantische manier. De hoekdelen van het programma zijn ontstaan in de twintigste eeuw en zijn gekozen vanwege het feit dat dit weekend de luidklokken in de toren van de Sint-Maartenskerk weer in werking zijn gesteld. Het zijn twee carillons. De eerste, Fugue sur le thème du Carillon des heures de la cathédrale de Soissons van Maurice Duruflé, is een fuga gebaseerd op het carillon van de kathedraal in Soissons (Noord-Frankrijk). Het stuk is geschreven voor een herdenkingsbundel waarin leerlingen van Louis Vierne, waar Duruflé er één van was, stukken schreven om te gedenken dat hun grote voorbeeld vijfentwintig jaar geleden was overleden. Louis Vierne, componist van meerdere carillons voor orgel zal met dit stuk zeer in zijn nopjes geweest zijn. Hij had zelf bekendheid gekregen met Carillon de Westminster, gebaseerd op het thema van het uurwerk van de Big Ben in Londen. Het stuk was meteen een daverend succes. Na de eerste uitvoering (na afloop van een viering in de Notre-Dame) bleef een aantal mensen Vierne opwachten om hem een staande ovatie te geven toen hij van de orgeltribune naar beneden kwam. Vierne zou het stuk met grote regelmaat blijven spelen, waaronder tijdens de inauguratie van het gerestaureerde orgel in de Notre-Dame in 1932. Ik wens u een plezierig concert toe. |
||
| terug |